Doe de slaaptest!

Op deze site hebben we ook een kleine test waardoor je een indicatie kan krijgen van je slaapprobleem. Klik hier om met de slaaptest te starten!

Ook erg handig is het slaapdagboek. Door zo goed mogelijk te noteren wanneer je slecht heb geslapen, is dit slaapdagboek een eerste stap en handig hulpmiddal naar een betere slaap. Stap vervolgens met dit dagboek naar je huisarts en hij kan zo helpen om samen je slaapprobleem tijdig te herkennen.

Met het ouder worden, verandert ook je slaap

Problemen met doorslapen treft één op de drie senioren

Op zondag 21 maart is het weer internationale Dag van de Slaap. Een dag waarop 1 op de 3 senioren ’s nachts zal wakker liggen. Uit een grootschalige enquête bij 1.000 Belgen blijkt dat slaapstoornissen steeds vaker voorkomen bij ouder worden. Volgens de BASS (The Belgian Association for Sleep Research and Sleep Medicine) staat op nummer één slapeloosheid, waarbij er sprake is van problemen met in slaap vallen of met doorslapen ’s nachts.

Als je ouder wordt, verandert je slaappatroon. Een aantal typische veranderingen maakt deel uit van het normale verouderingsproces. Zo daalt de hoeveelheid diepe slaap en is er in verhouding meer oppervlakkige, lichte slaap. Dat leidt tot vaker wakker worden ’s nachts: een meer gefragmenteerde slaap. Uit een representatieve steekproef bij 989 Belgen blijkt nu ook dat slaapstoornissen meer voorkomen bij het ouder worden.

Verschuiving biologisch ritme

Allereerst werd vastgesteld dat je minder lang slaapt als je ouder wordt: 15- tot 34-jarigen rapporteren de meeste slaap, namelijk 7 tot 8 uur, terwijl dit bij 35- tot 64-jarigen daalt tot 6 à 7 uur slaap. Vanaf de pensioenleeftijd neemt de hoeveelheid slaap opnieuw toe, vermoedelijk ten gevolge van meer tijd die beschikbaar is. Wel blijft die nog lager dan tijdens de jongvolwassenheid: in de groep van 15- tot 34-jarigen slaapt 51% 8 uur of meer, in de groep van 35- tot 54-jarigen is dit slechts 28% en in de groep van 55+ gaat het om 43%.

Volgens de BASS: “Bij de deelnemers vormde wakker worden tijdens de nacht duidelijk een groter probleem bij de 65-plussers. Terwijl dit tot de leeftijd van 65 jaar voor 18% van de bevolking problematisch is, neemt dit toe tot 35% bij mensen ouder dan 65 jaar. Daarnaast is er een verschuiving van het biologische ritme: oudere mensen gaan over het algemeen vroeger slapen, maar staan ook vroeger op. Ouderen doen vaker dutjes overdag. Bij dutjes van maximaal 30 minuten kan dit de alertheid en prestatie bevorderen. Langere dutjes kunnen ertoe leiden dat je ’s nachts minder kan slapen.”

Meer slaapstoornissen

Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat slaapstoornissen met het ouder worden meer voorkomen. Op nummer één staat slapeloosheid of insomnie. Bij deze slaapstoornis is er sprake van problemen met in slaap vallen of met doorslapen ’s nachts en biedt de slaap onvoldoende recuperatie ondanks de mogelijkheid om te slapen. Slapeloosheid kan op zichzelf als probleem bestaan of samenhangen met ziekte of het gebruik van medicatie.

“Ook in België merken we dat het percentage volwassenen dat lijdt aan slapeloosheid toeneemt vanaf de leeftijd van 35 jaar. Waar insomnie voor de leeftijd van 35 ongeveer 1 op 5 mensen treft, wordt dat na die leeftijd 1 op 3. Bij 65-plussers nemen vooral de doorslaapproblemen nog verder toe”, aldus de onderzoekers.
Een andere frequente slaapstoornis is de ‘vervroegde slaapfase’, gekenmerkt door een extreme vervroeging van het slaapritme, waardoor je bijvoorbeeld belemmerd wordt in je sociale contacten. Hier kan het helpen mensen te motiveren om zich zo goed mogelijk bloot te stellen aan daglicht, zeker in de late namiddag en avond. Tijdens de winterperiode kan lichttherapie een uitkomst bieden.

Ten slotte blijkt nu ook dat obstructieve slaapapneu - waarbij je ’s nachts frequente ademhalingspauzes merkt - toeneemt bij ouderen. Slaapapneu wordt hoofdzakelijk herkend door het zware snurken ’s nachts en de hoge mate van slaperigheid overdag. Ook hier is een geschikte behandeling belangrijk, gezien het verband met hart- en vaatziekten en het risico op een achteruitgang van het mentaal functioneren.

“Jammer genoeg worden deze problemen, die je niet meer als onderdeel van het normale ouder worden kan aanvaarden, vaak onvoldoende erkend en behandeld, ondanks het bestaan van werkzame behandelingen. Nochtans kunnen slaapstoornissen de levenskwaliteit aanzienlijk negatief beïnvloeden”, aldus de BASS.

Slaapproblemen voorkomen of behandelen

Slaapmedicatie kan op korte termijn een antwoord bieden op slapeloosheid, wanneer dit zich voordoet tijdens een zware periode bijvoorbeeld. Op lange termijn zijn gedragsmatige behandelingen, zoals cognitieve gedragstherapie voor insomnie, voordeliger. In de onderzochte steekproef gebruikten zeer weinig mensen jonger dan 35 jaar slaapmedicatie (2%). Vanaf dan nam het medicatiegebruik toe (6% bij 35- tot 44-jarigen) en bleef vanaf 45 jaar rond 10%.

Mensen staan nog te weinig stil bij hun slaapgedrag, zo luidt het bij de centra voor waak- en slaapstoornissen in België. Met algemene slaaptips kan je vaak al goed geholpen zijn. Ook het belang van een goede slaaphygiëne is niet te onderschatten. Anderzijds is er de laatste tijd heel wat vooruitgang geboekt op het vlak van de behandeling van slaapproblemen, zowel op het gebied van niet-medicamenteuze strategieën (gedragsmatige behandeling) als medicamenteuze (andere werkingsmechanismen naast de klassieke) - en deze ontwikkeling staat niet stil.

Meer risico op hartoproblemen bij slaaptekort

Het wordt alsmaar duidelijker dat een te korte slaaptijd een mogelijke risicofactor is voor hart- en vaatziekten. Als mogelijke oorzaak worden drie hypothesen naar voor geschoven. Via een effect op de suikerhuishouding waardoor het risico op diabetes type 2 stijgt. Via activatie van de stresssystemen met vrijstelling van adrenaline en bloeddrukverhoging. En tenslotte via een toestand van verhoogde ontsteking thv de bloedvaten.

In talloze studies werd een verband aangetoond tussen een kortere slaaptijd, slaapklachten en een hogere kans op hart- en vaataandoeningen, zo melden onderzoekers van het slaaplabo van Charleroi, een afdeling van de ULB (Université Libre de Bruxelles). Het juiste mechanisme waardoor slaapgebrek het risico verhoogt is nog niet helemaal duidelijk, maar ze zijn wel een aantal logische hypothesen.

  1. In meerdere studies werd aangetoond dat slaaptekort gepaard kan gaan met afwijkingen van de suikerhuishouding in je lichaam. Vooral een tekort aan diepe slaap (slaapfase 3 en 4) gaf een negatief effect op de suikerstofwisseling. Dat kan het risico verhogen op type 2-diabetes (ouderdomssuikerziekte) en op die manier de kans op hart- en vaataandoeningen.
  2. Als mensen niet lang genoeg of niet diep genoeg slapen worden de stresssystemen geactiveerd. Tijdens stress krijg je een activatie van het ‘vecht- en vluchtzenuwstelsel’, het sympatische zenuwstelsel genoemd, met vrijstelling van adrenaline in het bloed. Ook wanneer de slaap van gezonde proefpersonen wordt beperkt kunnen verhogingen van adrenaline in het bloed worden gemeten. Deze verhoogde adrenalineconcentratie en de daarmee samenhangende bloeddrukverhoging bleven hoog gedurende de eerste dagen na de slaapbeperking, zelfs al sliepen ze terug normaal. Slaapbeperking stimuleert dus het sympatische zenuwstelsel waardoor adrenaline vrijkomt in het bloed. Verder is bewezen dat een hoge activiteit van de stresssystemen op termijn verkalking van de kransslagaders in de hand werkt.
  3. De derde hypothese stelt dat een te korte slaap bijdraagt tot een lichte ontstekingstoestand in de bloedvaten, die op langere termijn aanleiding kan geven tot hart- en vaataandoeningen. Onderzoekers van de ULB. Ze onderzochten jonge gezonde niet-rokende mannen. Deze pechvogels moesten drie nachten na mekaar na 4 uur slaap al uit de veren. Via bloednames werd nagekeken of er tekens van ontsteking waren terug te vinden. Bij controlepersonen werden geen wijzingen gevonden, maar bij wie maar 4 uren slaap had genoten werd een verhoging van bepaalde witte bloedcellen vastgesteld. Deze neutrofielen kunnen de binnenwand van de kransslagaders beschadigen, wat de ontwikkeling van hart- en vaataandoeningen in de hand zou werken.

Deze resultaten bewijzen des te meer het belang van een goede slaap en dat slapen geen tijdverlies is. Daarenboven beklemtonen ze de noodzaak van een goede slaap bij patiënten met hart- en vaatziekten om het risico op verergering van hun problemen mee te voorkomen.

Bron:
Medi-Sfeer 10 december nr 343 p 41-44.
Tasali E.,Leproult R.,Ehrmann D., and Van Cauter E. Slow-wave sleep and the risk of type 2 diabetes in humans. Proc Nat Acad Sci USA 2008:105:1044-9.
Meerlo P, Sgoifo A, Suchecki D. Restricted and disrupted sleep: effects on autonomic function, neuroendocrine stress systems and stress responsivity. Sleep Med Rev 2008 Jun;12(3):197-210.

Lichttherapie bij Alzheimer

Met het ouder worden wordt het alsmaar moeilijker om in een juist dag- en nachtritme te blijven. Vooral mensen die lijden aan de ziekte van Alzheimer hebben het daar moeilijk mee. Door het toepassen van meer en helderder licht overdag en ’s avonds melatonine proberen wetenschappers het dag- en nachtritme terug in de juiste pas te krijgen.

Biologen proberen al sinds lang de werking te ontrafelen van onze biologisch klok. Deze minuscule levenslang tikkende wekker is gehuisvest in een hersengebiedje, niet groter dan een rijstkorrel: een kern net boven de plaats waar de vezelbanen van de oogzenuwen mekaar in de hersenen kruisen. Onlangs is ontdekt dat verstoringen van het dag- en nachtritme kenmerkend zijn voor een aantal psychiatrische aandoeningen en zenuwziekten zoals schizofrenie en de ziekte van Alzheimer. Deze ziekten kunnen ons tijdsbesef, dat geregeld wordt door de inwendige klok van ons lichaam, ernstig vervormen. Het gevolg is een verstoord slaap- waakpatroon, en dat kan op zijn beurt weer een aantal klachten verergeren of zelfs veroorzaken.

Dit zou kunnen worden verklaard doordat de werking van deze kern vermindert bij het ouder worden legt Van Someren uit in het magazine ‘Psyche en Brein’. Het gevolg is dat oudere mensen alsmaar meer moeite krijgen om hun inwendige klok in de pas te laten lopen met de cyclus van dag en nacht. Dit probleem is vooral zeer ernstig bij mensen die lijden aan de ziekte van Alzheimer. Het lijkt erop dat die ziekte de dag- nachtritmes vertraagt, zodat de biologisch klok altijd achterloopt. Als gevolg van deze vertraging hebben ze vaak de neiging ’s nachts door het huis te spoken wanneer hun familieleden of verzorgers willen slapen.

Ook mensen die aan schizofrenie lijden hebben vaak de neiging ’s nachts actief te zijn en overdag te slapen. Volgens onderzoeker Foster moeten schizofrene patiënten een gat in de dag slapen doordat hun dag- nachtritme is verstoord. Na verder onderzoek concludeert hij dat hun inwendige klok volledig is losgekoppeld van hun omgeving en ging de klok na verloop van tijd onbeheersbare schommelingen vertonen. Hij vraagt zich af of het circadiaanse systeem niet een heel nieuwe invalshoek kan bieden als het gaat om het verlichten van schizofrene klachten, zoals depressie, denkstoornissen, geheugenverlies en psychotische aanvallen.

Foster en zijn collega’s proberen nu de inwendige klok van schizofreniepatiënten weer gelijk te zetten met dezelfde methodes die Van Someren bij de ziekte van Alzheimer gebruikt: meer en helderder licht overdag en ’s avonds melatonine.

Het onderzoek loopt nog, maar één ding weet Foster al zeker: ‘We mogen geen van allen onze inwendige klok veronachtzamen. We moeten ons er goed van bewust zijn dat ons geestelijk en lichamelijk welbevinden er meer afhankelijk van is dan de meeste mensen denken.

Bron: Psyche & Brein nr 7, 2007 p 57-59.

Nachtelijk zweten

Zweten is een manier om overbodige warmte kwijt te raken bij het sporten of als je koorts hebt bijvoorbeeld. Dit proces wordt gestuurd door het onwillekeurige zenuwstelsel, dat onder andere ook je hartritme en darmwerking regelt. Je hebt daar dus geen vat op, in tegenstelling tot het willekeurige zenuwstelsel dat je zelf kunt commanderen, zoals je been opheffen of een vuist maken.

Sommige mensen zweten ‘s nachts of overdag zonder duidelijk aanleiding. Dit heeft meestal te maken met een verstoorde regeling van je onwillekeurige zenuwstelsel. Je zweetkliertjes krijgen het bevel om zweet af te geven, en dat doen dan ook.

(meer lezen…)

Behandeling van slaapapneu en snurken

De eerste stap in de behandeling is vermageren en stoppen met alcohol of slaapmedicatie. Het vetweefsel in de hals kan immers je luchtpijn meer toedrukken en alcohol of slaapmedicatie hebben een spierverslappend effect, zodat je luchtpijn ook makkelijker toeklapt.

Bij mensen met matig tot ernstig slaapapneu staat continue positieve druk (CPAP) bovenaan de behandelingslijst. Bij deze behandeling wordt gewone kamerlucht met lichte overdruk via een masker, door de neus in de luchtweg geblazen. Deze overdruk, die iets hoger is dan de luchtdruk, voorkomt dat de luchtweg afsluit en/of dat je nog snurkt. Indien je meer dan 20 adempauzes per uur slaap hebt, en indien je daardoor een gestoord slaappatroon hebt, wordt deze behandeling terugbetaald door het ziekenfonds.

Om het snurken te verhelpen bestaan er verschillende mogelijkheden.  (meer lezen…)

Slaapapneu

Snurken is niet altijd onschuldig.

Ongeveer één man op twee snurkt, maar ook vrouwen hebben er last van, bijna één op zeven. Snurken wordt veroorzaakt door het trillen van de slijmvliezen in de keelholte. Het geluidsniveau kan gaan tot 95 dB. Dat is even luid als een zaagmachine!

Als je erg luidruchtig snurkt, kan dat wijzen op het slaapapneusyndroom. Deze aandoening gaat bijna steeds gepaard met luidruchtig snurken, waarbij de luchtweg dichtklapt. De ademhaling stopt soms een minuut, het zuurstofgehalte in het bloed daalt en het lichaam lijdt aan een zuurstoftekort: de lippen worden blauw, de hersenen hebben dringend zuurstof nodig en laten je wakker schrikken. Op dat moment kan er terug lucht stromen door de opengestelde luchtwegen en je valt terug in slaap, niet bewust dat je op het randje van de afgrond gebengeld hebt. Dit patroon herhaalt zich meerdere keren per nacht. We kunnen stellen dat gemiddeld één op 20 volwassen personen lijdt aan het slaapapneusyndroom.

Ook jongeren kunnen last hebben van slaapapneu. Dit leidt onder meer tot aandacht- en concentratieproblemen overdag. Kinderen met slaapapneu voelen zich overdag ook abnormaal slaperig. Ze doen het op school minder goed en vertonen meer gedragsproblemen zoals hyperactiviteit. Verder is er bij zwaarlijvige kinderen een verband tussen de ernst van het slaapapneu en een verhoogde concentratie aan suikers en vetten in het bloed. Op langere termijn kan dat resulteren in een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

De gevolgen van het slaapapneusyndroom zijn niet te onderschatten:
1. overmatige slaperigheid overdag met kans op ongevallen op het werk of in het verkeer.
2. complicaties zoals hoge bloeddruk, verkalking kransslagaders, beroertes, hartritmestoornissen.
3. stoornissen in de suiker- en vet-huishouding: suikerziekte en lage goede cholesterol (HLD-C)

Om te weten of je lijdt aan slaapapneu moet je (of vooral je partner) er om te beginnen aan denken. Als je snurkt, regelmatig stopt met ademen en overdag makkelijk wegdoezelt als je ergens zit te wachten, dan is de kans erg groot dat je met slaapapneu opgezadeld zit. Laat dit dan alsjeblieft onderzoeken in een slaap- waakcentrum. Met één nachtje ziekenhuisverblijf kun je meestal de diagnose stellen. Het grote probleem is dat je het zelf onmogelijk kunt weten, want wie telkens opnieuw wakker schrikt na een adempauze is te kort wakker om er zich ’s morgens nog iets van te herinneren.

Te weinig slaap maakt dik

Opnieuw is er een onderzoek waaruit blijkt hoe belangrijk voldoende slaap is voor een gezond gewicht. Femke Rutters van de Universiteit Maastricht ontdekte dat jongeren met een slaapgebrek dikker worden dan hun leeftijdsgenoten die wel voldoende uren slaap pakken.

Zij onderzocht een groep kinderen tussen de 0 en 17 jaar, die om de vier jaar gevolgd is in de ontwikkeling van hun lichaamsgewicht.

Niet alleen slaapgebrek blijkt een rol te spelen, ook de ouders dragen hun steentje bij aan het (over)gewicht van hun kinderen. Zo toonde Rutters aan dat ook pubers met een dikke vader of met een moeder met vreetbuien meer kan op overgewicht hebben dan andere jongeren.

Ook stress blijkt een risicofactor. Volgens Rutters krijgen mensen die regelmatig te veel eten en gevoelig zijn voor chronische stress, eerder overgewicht. Bovendien bestaat de kans dat zij in een vicieuze cirkel terechtkomen.

Zij gaan namelijk meer eten om de stress te verdrijven, maar door de toename van hun gewicht raken zij juist alleen maar meer gestrest.

Eerdere onderzoeken, onder meer uit Japan en de Verenigde Staten toonden ook al een verband aan tussen te weinig slaap en overgewicht. Wat zeer waarchijnlijk een rol speelt is dat mensen met een ’s nachts te weinig uren slapen, overdag meer snacken.

Via

De behandeling van het Rusteloze Benen Syndroom

De aanpak van RLS (= rusteloze benen) bestaat in de eerste plaats uit niet-medicamenteuze maatregelen. Geneesmiddelen die RLS kunnen verergeren moeten in de mate van het mogelijk worden vermeden en een bestaand ijzertekort moet worden gecorrigeerd. Minder geweten is dat sommige medicaties meer kans geven op RLS.

Kandidaat nummer één (meer lezen…)

Het rusteloze benen syndroom

Rusteloze benen, officieel ‘Restless legs syndrome (RLS)‘ genoemd is een aandoening die vooral gekenmerkt wordt door een onweerstaanbare en dringende drang om de benen te bewegen. Je ondervindt een onaangenaam branderig, kriebelig gevoel of een gevoel van ongemak in de benen, en gelukkig is het zelden pijnlijk. Deze klachten treden vooral op bij het slapengaan en ’s nachts, en verbeteren bij beweging. Soms kunnen deze problemen zich ook overdag voordoen, tijdens het zitten. (meer lezen…)

Older Posts »

Powered by WordPress bewerkt en vertaald door werkgroepen.net